lees meer over de Monitor lokaal onderwijs- en jeugdbeleid
Vanaf 1997 is Oberon gestart met de opzet en uitvoering van een monitor lokaal onderwijs- en jeugdbeleid. Gemeenten dienden daarmee meer zicht te krijgen op de onderwijsprestaties van scholen en van achterstandsleerlingen. Na de eerste gemeente Utrecht - waar wij nog steeds voor werken - zijn daar in de loop der jaren enige tientallen kleine en grote gemeenten bijgekomen, waarvoor Oberon de monitor heeft opgezet en soms zelf in uitvoering heeft genomen. In gemeenten als Hoogezand-Sappemeer, Haarlem, Schiedam en een aantal Drentse en (andere) Groningse gemeenten hebben we er in goed overleg voor gekozen om de uitvoering van de monitor over te dragen aan de gemeente zelf, of een instelling in de nabijheid.
Als basis voor deze monitoren is het gemeentelijk leerlingenadministratiebestand gekozen. Daaruit dienden kerncijfers te worden geleverd over de onderwijssituatie: de deelname aan SO, de eindtoetsscores, de op- en afstroom tussen schooltypen, de slaagresultaten, het voortijdig schoolverlaten etc. In de meeste gemeenten is deze basismonitor verder verdiept met gegevens over taalprestaties (PO en VO), de POVO- en VOROC-overgang en de Voor- en Vroegschoolse Educatie.
Ook voor nieuwe beleidsthema’s, zoals ‘zorgstructuren’, ‘schakelklassen’, ‘het vernieuwde VVE’ en ‘kwaliteitszorg’ e.a. kunnen kerncijfers worden opgeleverd die een belangrijke basis vormen voor enerzijds de doelstellingen en anderzijds de evaluatie van het beleid. Het doel van de vernieuwde monitor blijft hetzelfde: gemeenten gaan beschikken over kerncijfers over het onderwijs, over bepaalde groepen leerlingen en over de scholen. En gemeenten gebruiken deze cijfers om samen met de beleidspartners (besturen en andere instellingen) het lokaal onderwijs- en jeugdbeleid degelijk te onderbouwen en te evalueren.
Bekijk de publicatie Blauwe ogen.
Bekijk de publicatie Schakelen met beleid.